In het diepe

Het is de afgelopen tijd akelig stil geweest op deze site. Ik kom weer boven water met een stukje over zwemmen. Blub.

Zwemmen. Ik heb het altijd heerlijk gevonden: ik vond het bijna magisch om in het water zijn, en dan vooral in ‘buitenwater’, met rietstengels om me heen, of zeewier om doorheen te zwemmen. Ik droomde er soms van om een zeemeermin te zijn. Ook in een zwembad kon ik me als kind eindeloos vermaken.

Maar ja, ik vond dik zijn en zwemmen niet samengaan. Er zijn heldhaftige mensen die ondanks vele kilo’s te zwaar zichzelf in badpak of zwembroek vertonen, maar ik moest er zelf niet aan denken. Toen ik afviel vond ik het nog moeilijker worden: het leek me de ultieme confrontatie met de beschadigingen die mijn huid door mijn overgewicht heeft opgelopen om die beschadigingen aan anderen te laten zien. Nou ja, ik kan er nog heel veel over schrijven, maar het kwam erop neer dat ik bang was, vreselijk bang om mezelf te toen. Die angst was sterker dan mijn verlangen om weer te zwemmen. Vijftien jaar stond ik op de kant terwijl ik eigenlijk in het water wilde zijn.

De afgelopen maanden hebben meerdere mensen me uitgenodigd om te gaan zwemmen en begon ik er serieus over na te denken. Ik zei tegen een vriendin dat ik het zou doen. Dat meende ik, maar ik zei niet wanneer ik het zou doen… Toen belandde ik op een lofprijsavond. De spreker had het over genade, en ik zat intussen na te denken over mijn lichaam. Ik besefte opeens dat ik me kan laten blijven leiden door angst, maar dat ik dan heel veel dingen die ik graag doe nooit zal doen. Toen heb ik de knoop doorgehakt: ik heb een concrete afspraak gemaakt om te gaan zwemmen.

Vandaag was het zover. Gelukkig niet een zwembad, met gelijk honderd mensen die me hadden kunnen zien. Het werd buitenwater: we hebben een rustig plekje in de Biesbosch opgezocht. We konden niet makkelijk het water in, dus mijn vriendin speurde nog even naar een betere plaats. Intussen wachtte ik af, terwijl ik al in mijn badpak stond. Er kwam een jogger voorbij die naar me keek en het kostte moeite om rustig te blijven staan zonder me te willen bedekken, maar het is gelukt. En toen: het water in. Wat heerlijk was het. Rietstengels, eenden, fris water met stroming, zelfs een vis die even opsprong. De zon was warm, de dag stralend, en ik was – ben – gelukkig. Weer een overwinning behaald.

Toen ik uit het water kwam voelde ik mezelf minder lelijk. Ik had meer vrede met mijn lichaam. Die armen en benen met kwabben zijn door andere mensen gezien en dat was niet heel fijn, maar ook niet gruwelijk. Ik kleedde me aan in de buitenlucht en er kwamen mensen voorbij. Ik had er een rust over die ik zelfs een week geleden niet voor mogelijk had gehouden.

Enne… nog even over de reden waarom ik de laatste tijd zo weinig op deze site heb geschreven: dat komt vooral omdat ik elders schrijf. Ik zwem in inspiratie voor een nieuw boek. Maar dat is een ander verhaal!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *