Verliefd op Mickey

Toen ik laatst op Facebook suggereerde dat ik een column over katten wilde schrijven, waarschuwde een collega me dringend om dat niet te doen. Dergelijke columns waren volgens hem niet leuk, en alleen geschikt voor bladen als een “C-Margriet.” Aangezien dezelfde collega (ik zal zijn gevoelens sparen en hem naamloos laten) me enkele dagen later enthousiast vertelde over een soort column die hij als kind in de Donald Duck las over een eigenwijze kat, voel ik mij vrij zijn advies compleet te negeren.

Kattoliek
Eigenlijk kan ik ook niet anders. Ik ben namelijk “kattoliek” geworden. Katten zijn fantastisch! De afgelopen jaren stond ik nogal sceptisch tegenover mensen die dergelijke dingen beweerden. Dat kwam misschien omdat als ik snufte over hoe eenzaam ik me voelde zonder partner, ik regelmatig het advies kreeg om een kat te nemen. Dat voelde alsof ik gilde dat mijn been was afgehakt, en iemand me in respons een pleister aanreikte. Maar de afgelopen weken paste ik op het huis van weer een andere collega én op haar twee katten. Ze heten Milo en Luckey – door mij vaak verhaspeld tot Mickey. Ik noemde ze ook wel “de heren”, en vaker nog gewoon “de schatjes”.  Want dat zijn ze. Ik ben verliefd!

Mystici
En waarom ben ik verliefd? Tja, een schrijver hoort zoiets niet te beweren, maar: woorden schieten tekort om dat uit te leggen. Laat ik toch een poging wagen. Het is heel bijzonder dat zelfs als katten alle clichés waarmaken en je als personeel gebruiken, ze toch erg leuk blijven. Milo en Luckey zijn gewend om ’s morgens naar buiten te gaan. Op een dag deed ik de voordeur voor ze open en gingen ze gebroederlijk bij de drempel zitten. Ik had haast, maar zij niet. Ze bleven zitten waar ze zaten en keken af en toe met meewarig medelijden naar me op. Ze snapten dat ik het ook niet kon helpen dat ik geen slimmer exemplaar ben van het menselijk ras. Nederig deed ik de achterdeur voor ze open. Ook daar zaten de mystici bij de drempel te staren naar voor mij onzichtbare vertes. Na vijf minuten vertrokken ze voldaan via de voordeur. Als een mens me zoiets zou flikken, zou ik hem (hardop of in gedachten) toeroepen dat hij eerst moet nadenken voordat hij me iets vraagt, maar bij een kat glimlach je en denk je: “ah, wat lief.” Echt waar!

Opvoeden
Milo en Luckey hebben me geprobeerd op te voeden. Ze bleven gewoon eindeloos naar de hal lopen in pogingen me duidelijk te maken dat ik het reguliere personeel niet na hoefde te doen en ’s avonds heus niet hoefde te wachten met ze eten geven totdat ik naar bed ging. Wat wel fijn was, was dat ze dat ook duidelijk maakten door langs mijn benen te schuren of door op mijn schoot te springen. Heel gezellig. En dat brengt me op mijn volgende onderwerp: katten knuffelen. Dat voelt bijna alsof je zelf wordt geknuffeld. Met een kat op schoot maak je je nergens meer druk over. Je leunt achterover, gaapt, en telt je zegeningen.

Schrijven
Ik ben erachter gekomen dat een kat me mag storen als ik schrijf – en dat terwijl als mensen dat doen de ergernis blijkbaar te horen is in mijn stem. Ik vond het juist leuk dat als ik achter de computer zat, Luckey naast me op de vensterbank sprong, en dan via het tafelblad op mijn schoot kroop. En ach, dat hij meestal een omweg maakte via het toetsenbord, waarop hij iedere keer graag wilde gaan zitten, maakte mij natuurlijk niet uit. Ik mopperde ook niet één keer over het feit dat als hij eenmaal in mijn schoot lag zijn kopje per se in mijn oksel moest, waardoor schrijven redelijk complex werd. Hij vond sowieso dat hij dat beter kon dan ik en strekte zijn pootjes zo uit dat hij net de spatiebalk kon bereiken.

Ontspannen
En zo kan ik doorschrijven over mijn ontspannen leventje met Milo en Luckey. Het was écht heel ontspannen, meer dan ik vooraf voor mogelijk had gehouden. Maar ik hoor die collega van de anti-kattencolumn-opmerking (nieuw woord!) zijn keel al schrapen voor cynisch commentaar. Laat ik het bij wat hoogtepunten houden. Wat te denken van Milo die op een kruk ging liggen om geaaid te worden en zo druk bezig was om de optimale positie voor zijn comfort te vinden dat hij eraf viel? En wist je dat katten vliegen vangen? Milo kan dit erg goed, hoewel hij gegeneerd kijkt als hij doorheeft dat jij het ziet. Luckey doet intussen pogingen om de kat te zijn die zich het verst kan uitstrekken op een traptrede – en kijkt belangstellend toe als jij probeert om over hem heen te stappen zonder je nek te breken. Maar hij zit ook  ’s ochtends bij je slaapkamerdeur en zingt dan zacht een aubade. Hij lijkt oprecht blij te zijn om je te zien. En nee: ik zit effe niet te wachten op mensen die me uitleggen dat katten pragmatisch zijn, niets om je geven en alleen willen dat je ze voedt of hun toilet verschoont. Dat laatste heb ik overigens één keer geprobeerd op een nuchtere maag. Tip: doe me dat nóóit na.

Emotie
De twee weken met de heren zijn voorbij gevlogen. Op de ochtend dat ik afscheid nam, moest ik in alle ernst wat emotie wegslikken. Ik overwoog ofwel mijn collega en haar gezin uit hun huis te gooien, ofwel Milo en Luckey mee te smokkelen naar mijn werk. Ik heb me ingehouden, maar nu wil ik dus mijn eigen kat. Mijn huis is er niet geschikt voor – dus overweeg ik om te verhuizen. En iedere keer als ik een kat zie weet ik dat hij niet zo lief is als “Mickey”, maar wil ik hem het liefst aaien. Dan droom ik van de mannen die ik heb achtergelaten – en die mij inspiratie hebben gegeven voor de langste column die ik ooit heb geschreven.

4 thoughts on “Verliefd op Mickey

  1. Een geweldige lofzang op katten Els, dit is iets dat ik van jou niet had verwacht, maar zo ontroerend en zo lollig geschreven is dat ik je ook inderdaad aanraad om huis en haard te verlaten, een nieuw stulpje opzoekt waar je een geweldig huiskat kan laten ronddollen, en misschien wel 2?????
    Gaaf hoor!!!!

  2. tip van Liesbeth: kijk op de site van het dierenasiel (www.dierenasiels.com) kies Bergen op Zoom en kijk naar Holle Bolle Gijs. Hij wacht op je 😉

  3. Lieve Els,
    Hij ister……..je column. Ik ben in mijn sas om het te lezen. Wat schrijf je toch super, met humor en liefde. Mocht je je spullen thuis niet pakken en bij Milo en Mickey gaan wonen??
    Ik wacht in spanning op de foto’s van je, toekomstige, katten en wie weet je nieuwe woning.
    En wat die collega, wiens naam je niet zult noemen, betreft laat die zich maar bij de Donald Duck houden. Zal meer zijn niveau zijn misschien??
    Ik kijk uit naar de volgende column.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *